Gertrud Jetten - Manege de Zonnehoeve

Goldy heeft een veulen gekregen. Het veulen is een pittige meid, die Lizzy wil heten. Maar hoe zal Lucy haar gaan noemen?

Lizzy

Het eerste dat Lizzy zag toen ze geboren was, waren vijf nieuwsgierige ponyhoofden. Twee kleine zwarte hoofden, een lief bruin hoofd, een oranje hoofd met een grote bles en een groot donkerbruin hoofd met een wit vlekje op de neus. Ze brieste een keer flink, om alle viezigheid uit haar neus te blazen en schudde met haar hoofd.
''Ach wat een schatje,'' zei de pony met het bruine hoofd vertederd. ''Moet je zien!''
Ze duwde met haar neus tegen een van de kleine zwarte hoofden aan. Lizzy keek eens goed en zag dat aan het zwarte hoofd een zwart-wit gevlekt lichaam vastzat.
Achter haar bewoog iets. Het was een grote, goudkleurige vlek. De vlek stond op en draaide zich om. Voor haar verscheen een sierlijk goudkleurig hoofd met een smalle bles en grote donkere ogen.
''Dag kind,'' zei de goudkleurige pony zachtjes. ''Ik ben Goldy, je moeder. Wat fijn om je eindelijk te kunnen zien!'' Ze rook uitgebreid aan Lizzy en likte haar over haar rug.
Lizzy keek verwonderd naar haar. Dus dat was haar moeder! Wat een mooie kleur had ze! Zou zij ook zo mooi worden? Ze keek naar beneden. Haar benen waren een vaal soort beige. Teleurgesteld keek ze ernaar. Waarschijnlijk niet.
''Welkom bij manege de Zonnehoeve,'' zei de grootste pony van het stel. ''Ik ben Assa, en ik ben hier de baas. Samen met je moeder dan, hè, want die is ook heel belangrijk.'' Assa knipoogde.
''En ik ben Jacco,'' zei een van de kleine zwarte hoofden. ''Naast mij staat Romario. Hij wees naar de zwart-witte pony. Wij zijn shetlanders. Kijk, en dat is Rakki.''
De pony met het oranje hoofd knikte vriendelijk naar haar.
''En ik ben Rosie,'' zei de pony met het lieve bruine hoofd. ''Wij hebben ons allemaal erg op jou verheugd!''
Het duizelde Lizzy een beetje. Een half uur geleden zat ze nog in haar moeders buik, en nu lag ze hier in iets zachts en groens met om haar heen allerlei andere pony''s.
''Hoe heet ze eigenlijk?'' vroeg Rosie aan Goldy.
Nog voordat Goldy antwoord kon geven, riep Lizzy al: ''Lizzy natuurlijk!''
Goldy keek een beetje verbouwereerd naar haar veulen. ''Lizzy?'' vroeg ze verbaasd. ''Ik had gedacht aan een hele chique naam, zoals Dorothee, of Constance.''
Lizzy zwaaide heftig met haar staart. ''Ik moet er niet aan denken zeg! Ik heet Lizzy!''
Het was even stil. De andere pony''s keken elkaar veelbetekenend aan.
''Dat is een pittige meid,'' fluisterde Romario tegen Rosie.
Goldy keek nadenkend naar haar veulen. Toen knikte ze. ''Oke,'' zei ze. ''Ik vind het eigenlijk wel een mooie naam. Waarom niet!'' Ze duwde met haar neus tegen Lizzy''s rug. ''Maar nu wordt het tijd om op te staan.''
Lizzy keek verward naar haar moeder. Opstaan? Ze had geen idee hoe ze dat moest doen! Haar moeder duwde met haar neus tegen haar billen. Lizzy bewoog onhandig met haar benen.
''Goed zo kind,'' zei haar moeder resoluut. ''Dat is de bedoeling! Je moet eerst je voorbenen naar voren doen!''
Lizzy probeerde het nog een keer. Ze viel om en kwam op haar zij terecht.
''Geeft niks hoor,'' zei haar moeder bemoedigend. ''Probeer het nog maar een keer!''
Lizzy bewoog net zo lang totdat ze op haar benen stond. Wat een raar gevoel was dat! Ze wankelde en viel toen terug in het gras.
''Gewoon doorgaan!'' riep de zwart-witte pony. ''Toe maar, je kunt het best!''
Lizzy probeerde het nog een keer. En nog een keer.
Na een minuut of tien ging het steeds makkelijker en uiteindelijk stond ze stevig op haar lange, dunne benen.
''Nu moet je proberen te gaan lopen,'' legde haar moeder uit.
Lizzy knikte en viel bijna om. Het was al moeilijk genoeg om te blijven staan! Wat een raar gevoel had ze trouwens in haar buik. Hij voelde helemaal leeg. Zou er ergens wat te eten zijn?
Voorzichtig zette ze een stapje met haar voorbeen. Hm, dat lukte zonder om te vallen. Ze bewoog ook een achterbeen. Dat lukte ook! Even later liep ze enigszins onzeker, maar toch in een rechte lijn naar haar moeder.
Ze snuffelde aan haar voorbenen. Daar was niets dat op eten leek.
Haar moeder duwde tegen haar billen aan. ''Je moet naar achteren,'' zei ze zachtjes, ''daar is melk.''
Lizzy had geen idee wat ze bedoelde. Naar achteren? Welke kant was dat op? En hoe wist ze nou waar ze moest zijn? Besluiteloos keek ze rond.
Goldy gaf haar nog een duwtje. Lizzy struikelde, maar bleef overeind. Vlak voor haar was een donkere vlek. Het rook een beetje zoetig.
''Goed gedaan, kind,'' zei Goldy. Ze kriebelde met haar neus in Lizzy''s vacht. ''Je bent er bijna!''
Lizzy duwde haar neus tegen het zwarte ding. Toen, in een opwelling, deed ze haar mond open en hapte in het zwart. Er kwam iets vochtigs en zoetigs uit. Het smaakte heerlijk. Zonder erover na te denken, begon Lizzy te zuigen.
Toen ze genoeg had gehad, plofte ze in het gras. Ze was verschrikkelijk moe. Wat was leven vermoeiend! Al heel snel vielen haar ogen dicht en was ze diep in slaap.

Lizzy werd wakker van hoge stemmen. Ze deed haar ogen open en vloog zo snel als ze kon, overeind. Een paar meter verderop stonden vreemde wezens: twee kleine en een grotere. Ze waren helemaal opgetogen.
''O wat is ze mooi!''
''Het is precies haar moeder!''
''Wat een schatje…''
Lizzy keek vragend naar haar moeder.
''Ze hebben het over jou!'' zei Goldy trots.
Lizzy nam hen eens goed op. De wezens zagen er niet uit als paarden: helemaal niet zelfs. Ze hadden maar twee benen in plaats van vier, en hele platte gezichten met kleine oren.
Lizzy nam het zekere voor het onzekere en verstopte zich achter haar moeder.
''Wat zijn dat?'' vroeg ze een beetje bang.
''Dat zijn mensen,'' zei Goldy. ''Daar hoef je niet bang voor te zijn, hoor! Die ene met die donkere krullen is mijn vriendin Lucy. En die andere kleine met dat brilletje is Amber.''
Lizzy stak haar neus door de staart van haar moeder. ''En die lange?'' vroeg ze voorzichtig.
''Dat is Carolien,'' zij zorgt voor ons. ''Kom, dan gaan we naar ze toe.''
Lizzy liep aarzelend achter haar moeder aan. Toen ze vlak bij de mensen waren, bleef ze stil staan.
Goldy stak haar neus uit. Het meisje met de bruine krullen fluisterde lieve woordjes tegen haar en aaide over haar manen. Toen stak ze langzaam haar hand uit naar Lizzy.
Voorzichtig rook Lizzy eraan. De hand rook naar haar moeder, en naar iets onbestemds… Mensen zeker.
Langzaam kwam de hand dichterbij. Lizzy stond stokstijf stil. Even later kriebelde de hand op haar schoft, precies op de plek waar het een beetje jeukte.
Lizzy stak haar bovenlip naar voren strekte haar hals. Jee, wat was dat zalig!
''Ze vindt je nu al leuk,'' zei de vrouw met de paardenstaart vrolijk. ''Ik denk trouwens dat ze net zo''n kleur krijgt als haar moeder.''
Lizzy keek haar verbaasd aan. Toen keek ze eerst naar haar benen en daarna naar haar buik. Het beige was veranderd in zachtgeel.
''Ze heeft alleen geen witte voeten en op haar voorhoofd zit een heel smal blesje,'' ging Carolien verder. ''Hoe ga je haar noemen?''
Lizzy keek geschrokken naar Carolien. Hoezo, hoe ga je haar noemen? Ze heette Lizzy hoor, en niet anders! Zo heette ze al zo lang als ze zich kon herinneren. Ze had geen idee hoe ze er bij kwam, maar zo was het gewoon.
Lucy glimlachte dromerig. ''De vader van Goldy heette Sparkling Mad Magician,'' zei ze langzaam. ''Ik heb in het woordenboek opgezocht dat Sparkling sprankelend betekent, en dat vind ik heel leuk. Het past wel bij haar.''
Lizzy rechtte haar rug. Die Lucy had er wel kijk op!
''En verder?'' vroeg Amber. ''Of noem je haar Sparkle?''
Lucy schudde haar hoofd. ''Ik zat te denken aan Sparkling Jennifer,'' zei ze toen, ''en dan noem ik haar Jenny.''
Lizzy fronste haar voorhoofd. Jenny… Hoe kwam ze erbij! Dit ging helemaal de verkeerde kant op.
''Of…'' zei Lucy langzaam, ''iets met Elisabeth, want zo heette mijn oma.''
Lizzy liet teleurgesteld haar hoofd zakken. Het werd steeds erger. Elisabeth… dat was toch geen naam voor zo''n pittige pony als zij! Te saai, te lang, en heel onhandig.
''Misschien is het leuk als je er een Engelse naam van maakt die afgeleid is van Elisabeth,'' hoorde ze Carolien zeggen. ''Beth, bijvoorbeeld, of Betty.''
Lizzy huiverde. Dat was helemaal vreselijk! Elisabeth had tenminste nog iets sjieks.
''Wat denken jullie van Lizzy?'' vroeg Lucy na een tijdje. ''Sparkling Lizzy, wordt het dan. Dat klinkt leuk!''
Lizzy gooide met een ruk haar hoofd omhoog. Stralend keek ze naar Lucy, en hinnikte blij.
Amber grinnikte. ''Dat lijkt haar wel wat. Het klinkt leuk!''
Lucy zei niets. Ze keek diep in gedachten naar het veulen. ''Het is nog niet af,'' zei ze weifelend. ''Wat vinden jullie van Miss Sparkling Lizzy?''
Amber klapte in haar handen. ''Dat is een goed idee!'' riep ze uit.
Lizzy was opgetogen. Wat een mooie naam had Lucy voor haar bedacht! Ze deed voorzichtig een pasje naar haar toe en rook aan haar jas. Toen liet ze zich uitgebreid op haar rug kriebelen, en zelfs op haar hoofd en haar billen, net zo lang totdat Lucy en Amber alle plekjes gehad hadden.
''We moeten gaan,'' zei Amber na een tijdje. ''Het is al bijna zes uur.''
Lucy zuchtte. ''Dag mooie Lizzy,'' zei ze zachtjes en aaide Lizzy heel voorzichtig over haar neusje. ''Tot gauw!''
Lizzy keek in de warme bruine ogen van Lucy en voelde zich vreemd op haar gemak. Mensen waren best leuk, en Lucy helemaal.
Toen Lucy en Amber wegliepen, keek ze hen net zo lang na totdat ze helemaal uit het zicht waren. Daarna plofte ze in het warme, zachte gras en ging een dutje doen.

boekomslag-37B.png