Op tweede Kerstdag zat ik met mijn man, mijn dochter en een goede vriendin in de sauna. Ik dacht na over mijn volgende boek.
De maanden daarvoor had ik hard gewerkt zodat ik in het nieuwe jaar een lange periode door zou kunnen werken aan een nieuwe roman.
Een roman over serieuze onderwerpen als ziekte en je los maken van je ouders die willen gaan scheiden.
Gatsie, dacht ik, terwijl ik mijn voeten in het warme water van het kleuterbad bewoog. Ik had namelijk helemaal geen zin in een serieus boek. Ik had zin in een bizar boek. Een grappig boek. Een boek waar ik blij van werd.
Opeens zag ik een blond meisje voor me dat een paardensoepje at en veranderde in een goudkleurige pony. Mijn hart sloeg op hol en mijn ogen begonnen te glanzen (dat kon ik natuurlijk niet zien, maar ik weet zeker dat het zo was).
Opgewonden ging ik rechtop zitten en vertelde het aan mijn dochter en mijn vriendin.
‘Daar lijkt me niet veel aan,’ zei mijn vriendin. Een beetje verveeld keek ze de andere kant op.
‘Mij ook niet,’ beaamde mijn dochter.
‘Maar mij wel!’ riep ik.
Ik deed mijn ogen dicht en fantaseerde heerlijk verder. Tijdens het Kerstdiner. Tijdens de rit naar huis. En zelfs toen ik in bed lag. De volgende ochtend schreef ik alles op wat ik bedacht had en toen de Kerstvakantie was afgelopen, stuurde ik een mail aan Kluitman om te vragen wat ze ervan vonden.
Gelukkig waren zij meteen enthousiast! Volgens hen waren er veel te weinig grappige paardenboeken, dus het leek ze ontzettend leuk als ik er een zou schrijven.

De weken daarna waren heerlijk. Nog nooit heb ik zoveel plezier gehad bij het schrijven van een boek! Soms zat ik hardop te lachen onder het typen. Toen de eerste versie af was, was ik heel verdrietig want ik miste Lottie vreselijk...
Na een tijdje kreeg ik bericht van Annemarie, mijn redacteur bij Kluitman. Zij vond Lottie net zo leuk als ik. Ze vertelde me dat tijdens het lezen van het manuscript het kantoor om haar heen in had kunnen storten zonder dat ze het gemerkt had. Dat was een enorm compliment!
Maar Annemarie zou geen goede redacteur zijn als ze niet ook nog had verteld wat er beter kon. Gelukkig betekende dat dat ik er nog flink wat hoofdstukken bij kon schrijven! Toen de tweede versie af was, kwam er nog een derde versie en dat is de versie die jullie nu lezen.

En mijn vriendin en mijn dochter? Die hebben Help, ik ben een pony! inmiddels al twee keer gelezen en vinden het heel erg leuk. Zo zie je maar: laat je nooit van een goed idee afbrengen!